Boy en Anneke Ritsma wonen onder de rook van de Coberco-schoorsteen en hebben lange tijd in de fabriek gewerkt. Ook al komt er al 20 jaar geen rook meer uit de schoorsteen, voor Boy en Anneke staat de pijp voor een groot deel van hun leven. Boy: ‘‘Als de fabriek niet gesloten was, werkte ik er nog.’
‘De Coberco-fabriek is in 1997 gesloten en het fabrieksterrein heeft 20 jaar leeg gestaan. Toen is het complex opgekocht. Alles zou gesloopt worden en de schoorsteen zou eraf gaan. Dat kan toch niet zomaar, iets wat al vanaf 1954 staat, dat dat weggaat. De hoogste pijp van Nederland, 55 meter!’ Het raakt Boy Ritsma.

Handtekeningenactie
‘Mijn buurvrouw heeft in 2019 het initiatief genomen om een handtekeningenactie te starten voor behoud van de schoorsteen en ze heeft mij ook gevraagd. Ik vond dat we dat moesten doen, want het is gewoon de skyline van Deventer. Ik vind het nog steeds jammer dat die niet op de autostickers staat. Van elke kant waar je Deventer binnenkomt zie je hem. Veel mensen kwamen kijken naar de schoorsteen. Er zat een kastje aan het hekwerk waar je een petitie kon invullen. Die 700 á 800 handtekeningen zijn later overhandigd aan het SIED, Stichting Industrieel erfgoed Deventer’ Anneke Ritsma: ‘Nog steeds wordt er door mensen vanuit de auto of op de fiets gewezen naar de pijp. Hij ligt vlakbij kringloopwinkel Het Goed, dus er komen iedere dag veel mensen langs.’
Start van Coberco in Deventer
De vader van Anneke werkte op de administratie. Hij is in 1954 vanuit Friesland meegekomen om het bedrijf op te zetten. In het begin werd er veel Fries gesproken.
De directeur van de Coberco vroeg aan de vader van Anneke of zijn dochter misschien in het woonhuis bij de fabriek zou willen wonen met haar vriend Boy Ritsma.
Op aanraden van zijn aanstaande schoonvader had Boy gesolliciteerd bij Coberco. Hij kreeg wel de boodschap mee dat hij zijn best moest doen. Boy heeft tot het einde van de Coberco bij de fabriek gewerkt. Er werkten toen 300 mensen. Anneke en haar broer Wytze hebben er ook jaren gewerkt.
De Coberco was meer dan een bedrijf waar je de kost verdiend
Rijdende melkontvangst
Boy had verschillende functies. Zo stond hij aan de band met blikjes gesuikerde condensmelk voor de export naar o.a. Duitsland, merknaam B en B en Saoedi-Arabië, merknaam Bonny Baby. ‘Als er een blikje koffiemelk was met een gaatje, moest ik dat dicht solderen.’ Zijn volgende functie was bij de melkontvangst: het lossen van de tankwagens met melk. Dat was een verzameling van de rijdende melkontvangst. Van iedere tankwagen die binnenkwam moest de chauffeur zelf een monster nemen. Dat werd onderzocht op vetgehalte. Vroeger werd er uitbetaald op vet. Tegenwoordig als ik het goed heb, op eiwit’ Boy pompte de 40.000 liter melk vanuit de tankwagen naar boven, naar tanks van 120.000 liter. Daarvan stonden er 6. In het weekend moest de tank worden ‘aangezet’ zodat de melk geroerd werd. Ook werkte hij op de vacuümafdeling: de boerenmelk komt in een bak, gaat door een machine heen komt op een bepaalde viscositeit en dat moest elk half uur gemeten worden. Vervolgens werd het in een andere tank opgeslagen, vanaf daar werd het naar beneden getransporteerd en in blikjes gedaan. Als de melk in de blikjes zat werd de melk gesteriliseerd.
Hand- en spandiensten vanuit de dienstwoning
Als vrijdag de fabriek sloot, schakelde de receptioniste de bedrijfstelefoon door naar Boy en zijn vrouw. Zij kregen dan alle Cobercotelefoontjes binnen, ook uit het buitenland. Ook het sluiten en openen van de poorten naar de fabriek was een taak van de Ritsma’s.
Emotionele waarde
De Coberco was meer dan een bedrijf waar je de kost verdiende. Het heeft een emotionele waarde voor Boy en Anneke.
Anneke: ‘’Dat de Coberco platging vond ik heel erg. Ik word er nog emotioneel van. Mijn vader heeft er gewerkt en mijn broer en ik, we hebben het van begin af aan allemaal meegemaakt. Ik als kind zijnde. Dat wij hier woonden en de directie hier gewoon achter het huis een sigaretje kwam roken.’ Boy ‘Ik heb er 20 jaar gewerkt’.
Er was hulp bij het solliciteren naar een andere baan. Als je een andere baan had vóór de sluitingsdatum in 1996, kreeg je wat geld mee, een oprotpremie.
Anneke: ‘Je halve leven speelde zich daar af!’ Boy: ‘Als hij niet gesloten was, werkte ik er nog. Uiteindelijk ben ik op een camping gaan werken. Ik heb daar van alle gedaan: van riolering tot caravans plaatsen tot uitsmijter in de kantine. Drie jaar gedaan’. Want: ‘ Als je op een camping werkt, ben je nooit klaar.’
Omdat er vaak meerdere leden van één familie op de fabriek werkten, bestond er een bepaald familiegevoel
Familiegevoel, uitstapjes en feestjes
Omdat er vaak meerdere leden van één familie op de fabriek werkten, bestond er een bepaald familiegevoel. De directie werkte in een apart gebouw. Tussen dat gebouw en de fabriek was een straatje. Boy:’ Er is toch altijd afstand tussen kantoor en fabriek.’
Een warm gevoel van verbondenheid, dat is Coberco voor Boy en Anneke. Als familie. Naast een fijne werkomgeving was er ook veel aandacht voor vrolijke activiteiten. Van Sinterklaasfeest, tot uitstapjes naar de Efteling. Ook voetbaltoernooien en de Hanzeloop werd een keer door Coberco georganiseerd. Feestavonden die werden opgeluisterd door bekende artiesten zoals Benny Nijman, Lee Towers en Conny Konings. En er was een fantastische jubileumavond in de Deventer Schouwburg wegens het 25-jarig bestaan. Hier stond de Deventer band Lotus op het podium.
Reünie
Iedere eerste zaterdag van november komen 7 stellen bij elkaar waarvan de mannen samen bij Coberco hebben gewerkt. Dus al 20 jaar. Een van de eerste vragen is altijd: zou die en die nog leven? Dit jaar was een collega die Boy al 30 jaar niet gezien had uitgenodigd. Hij kwam die oud-collega, Gait, toevallig tegen in Raalte.
Schoorsteen altijd in beeld
Vanaf de eettafel met glazen plafond kijk je uit op de schoorsteen. Als ze aan deze tafelzitten kijken ze altijd naar de pijp. Wij wonen er net 50 meter vanaf, dus als die schoorsteen gesloopt zou worden, is dat wel riskant. Valt ‘ie die kant op dan is het prima. Valt ‘ie deze kant op dan is het niet best. Boy: “Er zijn roofvogels die hier een mooie uitkijk hebben op hun mogelijke prooi.” Anneke: “Als ik lang kijk, val ik om”

Fotografie: (Cora Sens en Ron Lustig, namens de Salon Fotografencollectief.)

Reacties 2
Leuk verhaal, te meer omdat ik Boy onlangs bij toeval weer tegenkwam. Zelf ook 22 jaar daar gewerkt tot bijna het einde, maar dan in het “directie kantoor”, waar overigens ook een laboratorium, verkoopafdeling, en planning en logistiek zat
Mooi verhaal, kwam er af en toe met mijn vader, hij moest lege oplegger neer zetten en volle mee terug nemen, Hij reed voor Frans Maas Venlo, koffiemelk vanille en chocolade melk lossen in Duitsland. Zijn er foto’s bij u bekend van trucks en opleggers van Frans Maas, bij voorbaat hartelijk dank.
Groeten Pascal Stark
Reactie plaatsen